Restaurants met de beste prijs/kwaliteit volgens culinair recensent Bruno Vanspauwen

Nocturlabe

Foodnews

Nocturlabe

Het zal je misschien verbazen, maar culinair is Bretagne de meest creatieve streek van Frankrijk. Tenminste als je wat verder kijkt dan de boekweitpannenkoeken en dat gebakje met die rare naam kouign-amann.

Het goede nieuws is: je hoeft niet naar Bretagne, er is een Bretoense chef, Benoît Bodivit, naar hier gekomen. Daarvòòr kookte hij in de Brusselse instituten Comme Chez Soi en La Villa Lorraine, niet de meest creatieve etablissementen. Maar in zijn eigen restaurant kan hij zijn gang gaan. 

Uit de naam blijkt zijn liefde voor producten uit de zee: “nocturlabe” is een eeuwenoud navigatie-instrument dat door zeelui werd gebruikt om ’s nachts het uur te kunnen lezen aan de hand van de sterren. Ik stel opgelucht vast dat de instrumenten mes en vork ook aanwezig zijn.

Een klein rijhuis werd wat bric-à-brac opgekalefaterd en helemaal in het donkerblauw geschilderd: moet dit de zee bij nacht voorstellen? De muziek - een richtingloze mix van rap, rock en pop - past dan weer helemaal niet bij deze sfeer. Het menu wel: het vermeldt geen ingrediënten maar semi-poëtische maritieme benamingen voor de verschillende gangen. 

Zo begin ik met het “Duel des abysses” (duel van de diepzee), wat in de praktijk neerkomt op een confrontatie tussen octopus en garnalen, temidden van stukjes tomaat en diverse kruiden: het ziet er complex uit maar de zoet-zure marinade overweegt.

“El Daurado” verwijst - dat had je vast begrepen - naar het Eldorado, en ook naar de vis dorade*. In de reële wereld komt dat neer op een soort ceviche met onder meer ajuin, jalapeñopeper en gepofte boekweit. Alweer oogt het complex en gelaagd, maar de smaakschakering die je daarvan verwacht, komt er niet uit.

“Kraken Ibérico” verwijst naar een mythisch zeemonster en naar het Spaanse Ibéricovarken, waarmee de chef een spannend “terre et mer”-contrast aankondigt. Daarvoor volstaat het echter niet om een stuk pluma Ibérico en octopus op hetzelfde bord te droppen, naast een plas Franse choronsaus (getomateerde béarnaise) met algen. 

Ik eindig met “Le goûter du goémonier”, het tussendoortje van de zeewiervisser: het poëtische talent van deze chef is werkelijk grenzeloos. Zijn talent in de keuken is minder duidelijk in de wat rommelige creatie rond aardbei, rabarber en zeewier op een “palet breton” (Bretoens zandkoekje). 

Voor vier gangen betaal ik 70 euro (85 euro voor vijf gangen), wat naar Brusselse normen best redelijk is. Je kan het nog goedkoper maken door de versie met alleen groenten te nemen (60 en 70 euro).
Ik had echter meer verwacht van dit nieuwe adres in Schaarbeek, een gemeente die zich de laatste tijd laat opmerken door heel wat boeiende horeca-initiatieven.

Een tip? Spring eens binnen bij Bab’s, de wijnbar van de voortreffelijke sommelière Barbara Hoornaert, op tien minuutjes wandelen van Nocturlabe. Zo kan ik toch op een positieve noot eindigen. 


Nocturlabe, Josse Impensstraat 3, 1030 Schaarbeek, nocturlabe.be